Projecten Jef

  Jef

Ik rij N-spoor. In 2006 zag ik op marktplaats een advertentie betreffende een “partij N-spoor modeltreintjes

 

Onderwerp index
Projecten Jef
Introductie
Jan Meier
De baan
De wederopbouw
Testen
De aanpassingen
Statistiek
Aanpassing bergen
Verdere aanpassingen
Verdere opbouw
Deel 5
Deel 6
Deel 7
Deel 8
Deel 9
Deel 10
Rollend materieel
deel 11
Wegwijzeringborden
Vordering van de scenery
Zomer 2010
Bouwvorderingen
Dankzij slecht weer
Detaillering en meer
februari 2016
Transformatorhuisje
De detaillering
 

 


Introductie

Wat hieraan vooraf ging:
Na de verhuizing van het Tuniserf in Rotterdam-Oosterflank naar de polder, moest ik mijn modelspoorbaan afbreken. Alles ging in dozen en werd in ons nieuwe huis op de zolder opgeborgen. Daar heeft het ca. 12 jaar gelegen. Toen mijn dochter het nest verliet, kwam haar kamer vrij. Deze kamer heeft een afmeting van 6 bij 4,5 m, een leuke ruimte dus om wat creatiefs mee te doen. Toen ik voorzichtig aan mijn vrouw opperde om weer een modelspoorbaan te gaan opbouwen stuitte ik toch wel op enig verzet. Alles was prima zolang zij ook maar over een groot deel van de kamer kon beschikken zodat zij ook haar hobby’s kon uitoefenen. Het kwam er dus op neer dat ik ca. 30% van de ruimte tot mijn beschikking kreeg, hetgeen het mogelijk maakte om een baan van ca. 4,5 x 1,5 m te realiseren.


Jan Meier

Dus toen zag ik de advertentie op marktplaats……… Ik heb met de adverteerder contact opgenomen en hem meegedeeld dat ik in principe wel geïnteresseerd was en dat ik wanneer ik in de buurt was bij hem langs wilde komen. Er gingen enkele maanden voorbij voordat ik weer contact had met deze meneer. Toen ik hem voor de tweede keer belde en hem vroeg of hij de “treintjes” al had verkocht, melde hij me dat hij ze nog steeds had. Twee weken later heb ik na een bezoek van mijn broer die vlak bij hem in de buurt woonde, hem gebeld en gevraagd of ik langs kon komen.


De baan

Ik ben toen gaan kijken en zag toen in één oogopslag dat de baan toch wel bijzonder was. Je kon zien dat de man zijn ziel en zaligheid in de baan had gelegd. De adverteerder, de heer Jan Meijer vertelde mij dat hij de baan niet aan een handelaar wilde verkopen omdat deze de boel zou slopen en de onderdelen zou verkopen. Zijn wens was dat de baan bij een liefhebber terecht kwam. Ik bracht een voor hem acceptabel bod uit op de baan. Ik wist toen nog niet wat hij allemaal nog meer in lades en in de kelder had liggen. Toen hij met een doos met de treintjes aankwam, bleken daar ca. 15 locomotieven en ca. 120 wagons in te zitten die een (nieuw) waarde van ca. € 5000,00 vertegenwoordigden. Al het materiaal was voorzien van kortkoppelingen en verlichting. Daarnaast had hij nog dozen met divers bovenleidingmateriaal en een redelijke hoeveelheid rails en wissels. Ook had hij verschillende dozen met treinonderdelen waaronder motoren, contacten, kortkoppelingen, koolborstels en noem het maar op.

De heer Meijer was electro- mechanicus van beroep en had zijn eigen voedingen (regelaars) gebouwd. Deze voedingen heeft hij volgens aanwijzingen in een hobbyblad gebouwd. Ondanks dat er sprake is van een analoge aansturing kun je de treinen natuurgetrouw laten rijden. D.w.z. het remmen en het optrekken kun je zeer nauwkeurig regelen.


De wederopbouw

Ik heb de baan na enkele maanden (nadat ik deze had gekocht) met een vrachtwagen opgehaald. Het transport vanaf de tweede verdieping (zijn woning maakt deel uit van een flatgebouw) ging vrij gemakkelijk. Alle losse delen waren van de baan verwijderd en keurig in dozen verpakt. Een maal thuisgekomen hebben we de baan in mijn kantoor op de begane grond gebracht. De baan heeft een afmeting van ca. 1,95 x 1,75 m en was te groot om naar boven te brengen. Ik heb de baan dus moeten doorzagen. Dit betekende dat alle bedrading moest worden losgenomen en gecodeerd wat een geweldige klus was. Toen ik Jan Meijer belde en hem vertelde dat de baan doormidden was gezaagd, dacht ik dat hij een hartaanval kreeg.

Enkele maanden nadat ik de baan naar de 1e etage had verhuisd en de baan weer aan elkaar had gekoppeld heb ik Jan Meijer uitgenodigd om te komen kijken. Zelfs hij had moeite om te herkennen waar de baan doormidden was gezaagd en hij was zichtbaar opgelucht dat zijn “levenswerk” niet om zeep was geholpen.Jan Meijer is 74 jaar oud!


Testen

Toen ik de baan van Jan weer in elkaar had gezet en ik met testritten begon, begon het weer te kriebelen. Omdat mijn dochter inmiddels het nest had verlaten heb ik “haar kamer” ingepikt en ben ik begonnen om de baan geschikt te maken voor uitbreiding. Jammer aan de baan van Jan was, dat hij veel krappe bogen in zijn railplan had opgenomen, waardoor langere treinen en treinen met personenrijtuigen niet goed in de rails bleven rijden. Omdat ik het toch wel zeer zonde vond om de baan af te breken heb ik de baan nu zodanig aangepast dat ik hem als keerpunt kan gebruiken. Via de bovenste sporen kan er met langere treinen worden gereden. Kortere treinen kunnen echter ook via hellingen op de onderste sporen rijden. Nog steeds moet ik enkele aanpassingen maken zodat de tandradbaan en het bergspoor in gebruik kunnen worden genomen.


De aanpassingen

Zoals jullie al hebben kunnen lezen heeft de baan van Jan Meijer een afmeting van ca. 1,95 x 1,75 m.   Op dit kleine baantje had Jan kans gezien om 6 lussen te creëren waardoor er met 6 treinen gelijktijdig kon worden gereden. Alle lussen waren met een aparte rijregeling voorzien. Daarnaast had hij kans gezien om twee rangeersporen en een bergspoor op de baan aan te brengen. Ik hoef dus niet uit te leggen dat de baan redelijk van spoor was voorzien. Om een uitbreiding te kunnen realiseren moest ik dus een aftakking realiseren. Aangezien de baan twee niveaus heeft (en een tandradbaan) moest ik een beslissing nemen waar ik de aftakking zou maken. De sporen op het onderste niveau bevatten zeer krappe bogen wat het rijden met de langere personenwagons niet bijzonder aantrekkelijk maakt. Ook de plek waar een aftakking gerealiseerd zou kunnen worden was niet echt gunstig. Op het bovenste niveau lagen sporen met een grotere radius. Ook hier was het lastig om een punt te vinden waar een aftakking kon worden gerealiseerd. Omdat de baan ook een berggedeelte bezit met verdekte sporen, moest ik er voor zorgen dat deze bij calamiteiten bereikbaar bleven. Ik koos er daarom voor om een aftakking op het bovenste niveau aan te brengen. Hoe dit in zijn werk ging wordt in het volgende overzicht beschreven.


Statistiek

Spoorlengte: ca. 38 meter
Wissels: 58
Hoogteverschil: hoofdsporen 7 cm, stijging ca. 6%
: tandradbaan 43 cm, stijging ca. 23%
Rijregelaars: 8


Aanpassingen bergen

De uit gipsverband opgetrokken bergen zijn i.v.m. de beperkte dimensies vrij steil. Dit kon helaas niet worden aangepast. Het was of de boel accepteren en trachten er een zo realistisch geheel van te maken of de hele zaak te slopen. Ik heb dus voor het eerste gekozen. Gezien de grote hoeveelheid sporen was er zeer weinig ruimte om de berg op een ietwat natuurlijke manier te creëren. De krappe bochten in de rangeersporen maakten het er ook niet eenvoudiger op. Met passen en meten heb ik toen besloten om gedeeltelijk ter hoogte van de containeroverslag een soort muur te creëren. Op zich is dit minder fraai en natuurlijk. Had ik dit anders willen oplossen, dan had ik een aantal sporen moeten verwijderen. Dit zou hebben betekend, dat er elektrisch ook het e.e.a. gewijzigd had moeten worden.

Het in de berg aangebrachte bergspoor was een op zich staand spoor. Dit had dus geen verbinding met de overige sporen. In het spoor was een omkeerregeling gebouwd met een tijdvertraging waardoor een rangeerlokje met enkele wagons van de ene zijde van de berg naar de andere zijde van de berg kon rijden. In de berg zijn twee losinstallaties opgenomen. Het is dus mogelijk om materiaal vanaf het bovenste spoor (tandradbaan) te lossen. Dit materiaal wordt in een reservoir opgevangen en kan m.b.v. een relaissturing in wagons op het bergspoor worden gelost. Daarna kunnen de geladen wagons op het bergspoor aan de overzijde weer worden gelost in wagons die zich op het onderste spoor bevinden.

Het leek mij een beetje onlogisch dat er geen verbinding was met het hoofdsporennet. Ik heb dus in de tandradbaan een wissel aangebracht en een verbinding met het bergspoor gerealiseerd. Daardoor werd het mogelijk om de wagons via de tandradbaan op het bergspoor te rangeren. Overigens heb ik nog geen testritten op de tandradbaan uitgevoerd. Bij het stationscomplex moet e.e.a. nog elektrisch worden aangepast zodat automatisch van rijregelaar gewisseld wordt. Dit ga ik m.b.v. een relaisschakeling en reed-contacten oplossen.

Aangezien er een aantal sporen onder de berg zijn aangebracht en er een zeer beperkte toegang is, kon ik de berg niet afsluiten. In de onder de berg aangebrachte sporen zijn diverse wissels opgenomen die defect kunnen raken en dus uitgewisseld moeten kunnen worden. Om de bereikbaarheid te realiseren heb ik besloten om een grote klep te maken en de rotswand daar tegenaan te bouwen. De meest realistische oplossing kan m.b.v. modelgips worden bereikt. Modelgips heeft een groot voordeel. Je kunt het gemakkelijk bewerken en je kunt het goed verven. Het grote nadeel is het gewicht. De afsluitklep heeft een afmeting van ca. 1,75 m bij ca, 35 cm. Op de klep is een hoeveelheid gips van 25 kg verwerkt waarvan door bewerking naderhand weer ca. 4 kg is verwijderd. De gehele klepconstructie heft toch een gewicht van ca. 25 kg. In eerste instantie dacht ik de sluiting te kunnen realiseren m.b.v. magneetcontacten. Deze hebben echter een te geringe kleefkracht waardoor ik toch genoodzaakt ben om de boel te zekeren. In de bijgaande foto’s is de opbouw van de klep beschreven.


Verdere aanpassingen

Bij deze foto’s worden de verdere aanpassingen beschreven.


Verdere opbouw

Ondanks dat alle delen van de voormalige baan van Jan Meijer nog niet functioneren of zijn aangesloten, ben ik toch gestart met een 1e uitbreiding van de baan. Deels vanwege het feit dat er op de baan geen mogelijkheden waren om met langere treinen te rijden en deels omdat ik mijn eigen ideeën weer wilde gaan uitwerken. Voor mijzelf had ik al een idee uitgewerkt wat inhield dat er een soort van U baan zou komen. Aangezien een gedeelte langs de ramen zou komen te lopen moest ik er rekening mee houden dat deze geopend moesten kunnen worden maar ook dat zij schoongemaakt moesten kunnen worden en dat er dus een risico van water op de baan zou ontstaan.

Omdat dit probleem pas in een later stadium van de bouw zou optreden moest ik toch rekening houden met de beperkte mogelijkheden. De 1e uitbreiding die ik zou gaan realiseren had een afmeting van 1,9 x 0,9 meter. Dit is natuurlijk niet een al te grote oppervlakte. Ik wilde de sporen zodanig aanbrengen dat er diverse mogelijkheden van rijrichtingen zou ontstaan zodat ik treinen verschillende richtingen zou kunnen laten rijden. Dit betekende dat ik keerlussen moest realiseren. Dus het ontwerpsjabloon gepakt en met het eerste ontwerp gestart. In eerste instantie kwam ik op twee lussen uit die op verschillende niveaus onder elkaar lagen. Dit was ten eerste bouwkundig lastig te realiseren maar ook het elektrische deel zou een lastige klus worden. Dus opnieuw terug naar de basis. Ik wilde de sporen op slechts twee niveaus realiseren omdat ik anders in de problemen kwam met de hoogtes onder de vensterbank waar ik maar een minimale ruimte had. Uiteindelijk had ik een ontwerp dat uitvoerbaar was. Eerst moet ik controleren of dit ontwerp correct was dus heb ik de benodigde rails samengesteld en ben ik het ontwerp gaan bouwen. E.e.a. bleek niet geheel te kloppen waardoor ik wat kleine aanpassingen moest maken.

Nu het ontwerp in de praktijk was opgebouwd kon ik met de opbouw beginnen. Nadat de bodemplaat gereed was gekomen ben ik begonnen om de eerste sporen van de onderste lus aan te brengen. Aangezien een groot gedeelte aan het oog werd onttrokken, moest ik er voor zorgen dat de treinen perfect reden. Ik heb daarom voor de grootst mogelijke radius gekozen zodat bij plotselinge spanningsuitval de wagons niet uit het spoor zouden lopen. Na diverse succesvolle remtesten ben ik begonnen aan de bovenbouw. Aan de hand van de foto van de proefopbouw kun je zien dat er diverse kortsluitingen in de baan zouden ontstaan als ik er niet voor zou zorgen dat de delen van elkaar waren gescheiden. Dit was nog even puzzelen. In eerste instantie had ik baansegmenten samengesteld die ik dan met behulp van relais van spanningsrichting zou ompolen. Daarbij kwam ik in eerste instantie uit op 5 relais. Uiteraard moesten al deze relaisautomatisch worden bekrachtigd. Daarvoor zou ik reed-contacten gebruiken die langs de baan werden aangebracht. Toen het elektrische ontwerp gereed was ben ik begonnen met de boel te bedraden. Met de testritten bleek al gauw dat er soms het nodige misging. Omdat sommige relais en wissels tegelijkertijd werden bekrachtigd, kregen de reed-contacten een te grote stoom voor hen kiezen waardoor zij doorbranden. Dit was dus niet de oplossing. Het ontwerp werd er weer bij gepakt en ik ging zitten puzzelen hoe ik de hoeveelheid relais kon beperken. Al snel kwam ik er achter dat ik veel te moeilijk had zitten denken. Na enkele uren te hebben zitten puzzelen had ik de oplossing gevonden. Van de oorspronkelijke 5 relais had ik de schakeling kunnen terugbrengen tot slechts 1 relais.

Nu ik de oplossing had gevonden kon ik verder met bouwen. In de laatste vakantie in Zwitserland hadden wij gelezen dat er in het plaatsje Interlaken een modelspoor museum was. Op een minder fraaie dag besloten wij dit museum met een bezoek te vereren. Wat wij daar aantroffen overtrof onze verwachtingen. Op 3 bouwlagen waren verschillende banen aangelegd. In de kelder waren diverse HO banen aangebracht. Elke baan was afgestemd op een land. Zo waren er banen van de landen Duitsland, Zwitserland, Oostenrijk, Frankrijk, Spanje, Algerije en jawel Nederland. Op de eerste verdieping had men een zeer grote baan aangebracht met groter materiaal. Op de bovenste verdieping waren panelen aangebracht en er waren banen met N spoor te vinden. Daar zag ik een aantal modellen van autotransportwagons die in werkelijkheid op de Lötschbergbaan (Lötschenpaβ) in gebruik waren en waarmee wij al een paar keer door de Lötschbergtunnel waren gereden (van deze rit heb ik een film gemaakt vanuit de cabine van een nieuw treinstel). Toen ik de steward vroeg wie deze wagons als model leverde zij hij dat ik deze kon krijgen in een Spielwarenhaus even verder langs het station. Na het bezoek zijn wij naar dit speelwarenhuis getogen en daar bleek men inderdaad een aantal van deze modellen op voorraad te hebben. Ik kocht gelijk een gehele set zodat ik een autotransporttrein kon samenstellen. Het is echter jammer dat er geen bijbehorend stuurstandrijtuig wordt geproduceerd. Wel is de bijpassende lok verkrijgbaar. Deze heeft echter niet al te veel trekkracht en kan dus maar een beperkt aantal wagons trekken.

Nu ik deze set had gekocht ging bij mij het idee leven om een soort autotransport op de baan te realiseren. Toen ik echter proef ging rijden met de Hobbytrain wagons bleek al snel dat deze geen al te beste rijeigenschappen hadden. Zolang het spoor vlak lag en de bochten niet al te krap waren ging het goed. Bij een geringe stijging liepen de wagons al snel uit de rails. Dit heeft te maken met het feit dat de draaistellen niet kunnen kantelen. Ik heb dit probleem kunnen oplossen door de draaistellen los te nemen en tussen de draaistellen en het chassis een dun koperen ringetje aan te brengen. Het enige probleem is dat de draaistellen nu niet meer aan het chassis vast zitten. M.a.w. als de wagon van het spoor wordt gelicht blijft het draaistel op de rail staan. Ik moest dus een stuk spoor realiseren met een gering stijgingspercentage en met ruime bochten. Ik besloot daarom dat ik een apart spoor zou aanleggen op een hoger niveau dan de hoofdsporen waarbij echter wel de mogelijkheid gecreëerd zou worden om naar het hoofdspoor te rijden. Het spoor zou beginnen bij de 1e uitbreiding en eindigen aan de andere zijde van de baan.

In deel 5 ga ik verder in op het aanbrengen van de scenery en het afwerken van dit deel van de baan.


Deel 5

Nadat de sporen gelegd waren en het piepschuim was aangebracht kon met de verdere afbouw worden begonnen. Anderhalf jaar geleden heb ik samen met mijn dochter deelgenomen aan een workshop landschapsbouw. In een paar uur tijd wordt je geleerd hoe je het beste het landschap kunt vormgeven en hoe je het beste gebruik kunt maken van strooimateriaal dat in de handel verkrijgbaar is en middelen die je in de natuur kunt vinden zoals zand en aarde. Als basis kun je gebruik maken van zand en aarde, dat je eerst door een fijne zeef filtert en daarna in de magnetron verhit zodat zaden niet meer kunnen ontkiemen (dit voorkomt een groene uitslag). Na het aanbrengen van de grondlaag waarvoor je gewoon houtlijm gebruikt, moet deze laag eerst drogen. Na uitdroging kun je met de in de handel verkrijgbare strooimaterialen beginnen met de afwerking. Het lastigste is om een juiste dosering te krijgen. Hoe meer je strooit hoe meer er van de originele basislaag verdwijnt. Ook ik heb de fout gemaakt weer veel te veel strooigoed aan te brengen waardoor de basis vrijwel geheel is verdwenen. In dit geval geld “oefenen baart kunst” . Is het resultaat niet bevredigend, dan start je eenvoudig opnieuw met het aanbrengen van de basis. Als het strooigoed op de basislaag is aangebracht, wordt dit met en mengsel van water en afwasmiddel ingespoten. Op 1 liter water gebruik je circa 50 druppels afwasmiddel. Het mengsel dient om de verdunde houtlijm in te laten trekken. Zou je de onverdunde houtlijm zonder het afwasmiddelmengsel aanbrengen, dan blijft de houtlijm op het strooigoed liggen en trekt deze niet goed in. Ook zal er dan een ongewenste verkleuring ontstaan. Voor de foto’s zie hier.


Deel 6

Zoals al eerder in het verslag deel 5 is opgemerkt, ben ik met de kleurstelling van sommige scenery niet geheel tevreden. In eerste instantie was ik ook niet echt tevreden met de wegen die ik in het dorpje had aangebracht. E.e.a. is minder realistisch uitgevallen dan de bedoeling was. Nu de aankleding zijn voltooiing nadert, valt het voor het weergeven van het wegdek gebruikte materiaal toch enigszins mee. Het enige nadeel is dat de huisjes moeten kunnen worden verwijderd als een van de lampjes het zou begeven en deze moet worden vervangen. Dit betekent, dat het wegdek uit verschillende segmenten is opgebouwd waardoor er oneffenheden in het aangebrachte wegdek zichtbaar zijn. Wanneer gebruik wordt gemaakt van kunststof bouwplaten valt dit volgens mij nooit geheel te voorkomen. Een ander punt wat storend is, is dat de in de handel verkrijgbare bomen een onnatuurlijke stam hebben. Bij het aanbrengen van een boompje valt goed op dat de bom is voorzien van een wortelstelsel. In het straatbeeld heb ik daarom besloten de gehele wortelkluit van de boom af te knippen en de stam in een gat met de juiste doorsnede in de grondplaat te drukken. Uiteraard moet aan de voet van de stam nog enige aarde worden aangebracht om een natuurlijker beeld te krijgen. In feite zou rondom de boom m.b.v. een boortje een klein kuitje geboord moeten worden waarna dit kuiltje opgevuld wordt met aarde. In principe kan hiervoor gewoon uit de tuin geschepte en gezeefde aarde worden gebruikt. Binnenkort zal ik een poging wagen om dit op deze manier aan te passen.

Omdat ik vanwege de keerlussen en het spoor voor het autotransport een paar niveaus heb moeten creëren, moesten de modelhuisjes ook op diverse niveaus worden aangebracht. Dit betekende dat de bedrading voor de sporen en de verlichting op sommige plaatsen door een laag van 8 cm moesten worden geboord. Met een standaard boor is dit niet te realiseren omdat deze meestal maar 6 tot 7 cm lang zijn en er al twee cm in de boorkop verdwijnt. Ik ben dus op zoek gegaan naar langere boren. Tot mijn verbazing waren deze bij de Praxis in Lelystad verkrijgbaar. Ik heb nu boren van 13 tot 15 cm lengte in de diameters 4, 5 en 6 mm. Hiermee kan ik de benodigde gaten boren voor zowel de binnenverlichting van de modelhuisjes als ook de 4 mm gaten voor de lantarenpalen van Viessmann.


Deel 7

Nu de aankleding van de eerste uitbreiding zijn voltooiing nadert, is het tijd om de verlichting enz. aan te brengen. Voor de verlichting van de modelhuisjes heb ik gebruik gemaakt van lamphouders van het fabrikaat EAO. Dit is een Zwitserse fabrikant van signaalarmaturen en drukknoppen. EAO levert een signaalarmaturen en drukknoppen van het hoogste kwaliteitsniveau en aangezien ik een aantal jaren bij dit bedrijf heb gewerkt heb ik de beschikking over een ruime hoeveelheid demomateriaal. De signaallampjes heb ik in twee uitvoeringen te weten 28 V en 36 V. Als voeding maak ik gebruik van transformatoren van het fabrikaat Erea. U raadt het waarschijnlijk al. Ook voor deze firma heb ik een aantal jaren gewerkt zodat ik een aantal transformatoren in mijn bezit heb. Deze kleine transformatoren leveren een spanning van 12 of 24 V. Met een vermogen van 10 VA (12 V typen) en 63 VA (24 V type) genereren zij ruim voldoende energie om de lampjes aan te sturen. De 63 VA trafo levert voldoende vermogen voor ca. 130 lampjes van 20 mA (63 VA : 24 V = ca. 2,6 A = 2600 mA : 20 mA = 130 lampjes). De kleinere transformatoren hebben twee uitgangen van 12 V, 0,4 A (400 mA). De transformatoren worden gebruikt om de lantarenpalen (van Viessmann) aan te sturen. Het gemiddelde vermogen van een enkel lampje bedraagt 30 mA zodat er ca. 12 lampjes op één uitgang kunnen worden aangesloten. In de praktijk betekent dit dus ofwel 12 enkellamps lantarenpalen ofwel 6 dubbellamps lantarenpalen.  Aangezien ik in het bezit ben van 8 stuks transformatoren kan ik dus ca. 192 lampjes aansturen. Het voordeel van meerdere transformatoren is dat bij een defect niet alle lampjes worden afgeschakeld. Ook is het gemakkelijker om storingen te traceren.


Deel 8

Nu de uitbreiding van het 1e gedeelte in een afrondende fase was aanbeland begon het weer te kriebelen om de baan met een nieuw gedeelte uit te breiden. Het nieuwe gedeelte, de 2e uitbreiding, zou de verbinding moeten vormen tussen de delen 1 en 2 en deel 4. Omdat er een verbinding langs een raampartij moest worden gemaakt, moest ik er voor zorgen dat dit gedeelte niet al te breed was om nog bij de ramen te kunnen komen. Zou ik het deel breder hebben gemaakt dan had dit het einde van de hobby betekend omdat mijn vrouw mij met al mijn spullen op straat had gezet.

Omdat het stuk dus redelijk smal is, is er niet echt veel eer aan te behalen om dit deel van de baan een realistisch uiterlijk te geven. In een later stadium zal ik proberen of ik m.b.v. modulaire delen een stuk kan aanbouwen. Omdat de 1e uitbreiding sporen op 3 niveaus bevat moest het koppelstuk zodanig worden ingericht dat ik op alle niveaus verder kan rijden. Om te bepalen in hoeverre de sporen zouden aansluiten op het laatste gedeelte (uitbreiding 3), had ik al een ontwerp van de baan gemaakt.

Hierdoor kon ik al bepalen in welke mate de diverse sporen zouden moeten stijgen of dalen om op de sporen van uitbreiding 3 aan te sluiten. I.v.m. de problemen met de wagons van Hobbytrain, had ik al besloten dat deze baan voor een groot deel op hetzelfde niveau zou blijven. De overige sporen moesten een hoogte van 6 cm respectievelijk 12 cm overbruggen om op de uitbreiding aan te sluiten. Gelukkig voor mij is de lengte van het koppelstuk voldoende om deze stijgingen en dalingen te realiseren. Vanwege de lengte kan er een stijging (daling) van 3% worden aangehouden zodat langere treinen geen moeite hebben om tegen de hellingen op te rijden. Wel is merkbaar dat treinen die een helling afrijden aanzienlijk in snelheid toenemen als er geen gebruik wordt gemaakt van een remweerstand. Omdat er met enkele tractie of dubbele tractie gereden wordt zal een oplossing gevonden moeten worden voor de remweerstand. Deze zal aan het opgenomen vermogen moeten worden aangepast. Het zou heel mooi zijn als dit automatisch zou gaan. De elektronische schakeling is echter zeer moeilijk te realiseren zodat ik uiteindelijk in een later stadium gewoon een potmeter (regelbare weerstand) in dit deel van de baan zal aanbrengen. In principe kan ik de snelheid van de trein nu ook al met de regelbare voeding bepalen. In feite moet in de praktijk ook het vermogen worden teruggenomen of toegevoegd indien hellingen worden genomen.

Omdat er weinig mogelijkheden zijn om een schaduwstation te bouwen, besloot ik om dit op het koppelstuk te realiseren. Op de bijgaande foto’s is te herkennen dat er een aantal sporen onderlangs lopen. Op dit moment heb ik naast de twee doorrijsporen twee extra opstelsporen opgenomen. In de toekomst kan ik deze nog met twee extra sporen uitbreiden.


Deel 9

Nu het verbindende gedeelte vorm had gekregen kon ik beginnen met de laatste uitbreiding. Dit deel zou het grootste stuk van de baan worden. In het begin heb ik meerdere ontwerpen m.b.v. de Fleischmann ontwerpmal gemaakt. In de eerste ontwerpen waren er twee doorlopende hoofdsporen opgenomen en twee sporen welke een lus zouden vormen zodat gekeerd kon worden naar het verbindingsstuk. E.e.a. hield echter wel in dat er zeer veel spoor en een aanzienlijke hoeveelheid wissels in het sporenplan waren opgenomen hetgeen een belemmering was voor de scenery. Immers waar sporen liggen is geen plek voor bouwmodellen zoals een station en huisjes. Ook het elektrische gedeelte zou zeer omvangrijk en complex worden. In eerste instantie zou de uitbreiding een afmeting krijgen van 4,5  m x 1,2 m. Ik had er echter geen rekening mee gehouden dat mijn ega enige voorwaarden zou stellen. Zo moesten de vitrinekasten worden gehandhaafd en moest er genoeg bergruimte worden gerealiseerd. Dit betekende dat er een hap uit de plaat moest worden gehaald. Daarom kon het originele ontwerp niet meer worden gehandhaafd en moest ik een nieuw ontwerp maken. Het geheel is een stuk eenvoudiger geworden. waren er in het eerste ontwerp ca. 80 m spoor en 37 wissels opgenomen, in het tweede ontwerp was dit gereduceerd tot ca. 52 m spoor en slechts 15 wissels.

Toch biedt de baan nog voldoende mogelijkheden. In feite kunnen treinen die via het verbindingsgedeelte dit deel van de baan oprijden via verschillende routes op dit deel van de baan blijven rijden of er kan via een keerlus weer naar het andere deel van de baan worden gereden. In eerste instantie had ik een aantal opstelsporen willen realiseren. Deze zouden echter te veel ruimte in beslag hebben genomen waardoor de scenery niet erg realistisch gerealiseerd zou kunnen worden. Ik besloot op deze dus te laten vervallen. In een later stadium zijn er toch weer een paar korte opstelsporen aangebracht.

Omdat een groot deel van de sporen onderlangs lopen en er de kans bestaat dat de wagons uit de rails lopen, moest ik een deel van de plaat waaronder de sporen zijn aangebracht uitneembar maken. Bij het bouwen geeft dit toch wel enige problemen. Vooral wanneer er veel met papier-maché wordt gewerkt wat na droging behoorlijk krimpt.

Een ander probleem was dat er geen hoge stijgingspercentages mochten worden aangebracht omdat er met langere treinen gereden moest kunnen worden. Aan de zijde waar de baan met het verbindingstuk is gekoppeld had ik te maken met 3 niveaus. Niveau 1 bevond zich op -2 cm, niveau 2 bevond zich op +6 cm en niveau 3 bevond zich op +12 cm. Zou ik uitsluitend met stoom of diesellocs hebben gereden dan had ik de niveauverschillen tot 5 cm kunnen beperken. Omdat ik er nog steeds vanuit ga dat ik de baan in een later stadium van bovenleiding ga voorzien moest ik echter een niveauverschil van 6 cm aanhouden. Ik had een halve cm kunnen winnen indien ik gebruik had gemaakt van dunnere platen. Het probleem is dan echter dat de rails minder gemakkelijk kunnen worden vastgelegd. Nu gebruik ik hiervoor spijkertjes van 8 mm lengte die niet door de platen van 8 mm dik heenkomen

In hoofdzaak heb ik gebruik gemaakt van MDF met een dikte van 8 of 6 mm. De platen zijn gemakkelijk te bewerken en zolang zij niet al te vochtig worden trekt het materiaal niet krom. Een nadeel van MDF is dat het zich niet gemakkelijk laat buigen. Ook triplex buigt niet zo gemakkelijk. Wel zijn er soorten triplex in de handel die zeer flexibel zijn. Deze zijn echter niet altijd bij de DHZ markten verkrijgbaar. Dit flexibele triplex gebruik ik voornamelijk om open delen af te dichten. In deel 9 van het bouwverslag zal ik enkel foto’s van de toepasingen van dit flexibele triplex tonen.


Deel 10

De afgelopen weken heb ik lopen puzzelen hoe ik het beste de baan zou kunnen aankleden. Bij eerdere opstellingen van de modelhuisjes was ik al tot de conclusie gekomen dat de huisjes iets verhoogd zouden moeten worden opgesteld omdat deze anders tegen een wel erg hoge helling zouden worden geplaatst wat in mijn ogen iets minder natuurlijk oogt. Dit betekende dat ik moest gaan nadenken op welke manier ik deze verhoging zou willen realiseren. Ook het aan te brengen wegennet moest zodanig inpasbaar zijn dat de illusie van een doorgaande verkeersweg werd verkregen.

Bij het station is eigenlijk te weinig ruimte om een parkeergelegenheid te creëren. Toen viel het kwartje en dacht ik “waarom geen ondergrondse parkeergarage bouwen”. In principe had ik eerst het idee om een ingang aan de bovenzijde van de parkeergarage aan te brengen. Bij het plaatsen van de modelhuisjes bleek al snel dat dit niet kon worden uitgevoerd. Achteraf had ik mij een boel werk kunnen besparen omdat de details van de garage toch niet te zien zijn. Wel zal ik nog verlichting in de garage aanbrengen.

Nadat de garage was gerealiseerd moest nog worden bekeken hoeveel ruimte er over bleef voor het plaatsen van de modelhuisjes. Ook hier moest rekening worden gehouden met de bereikbaarheid van het achterste deel van de baan. Dit betekent dat ik het deel zodanig moest opbouwen dat dit uitneembaar bleef. Nadat het papier-maché is uitgehard kan begonnen worden met het doorzagen. Het grootste probleem is nog de weg. Op N-scale is voor de bestrating weinig geschikt materiaal in de handel  verkrijgbaar. Ik heb wel wat papieren bouwplaten met een wegreliëf gevonden. Dit patroon voldoet niet geheel aan mijn eisen. In principe is dit goed geschikt voor het samenstellen van voetgangerzones maar minder als bestrating. Ik zal dus verder moeten zoeken of ik geschikt materiaal kan vinden of ik moet met de computer aan de slag en het zelf maken.

Voordat ik verder kan bouwen aan het stationscomplex moet eerst het papier-maché zijn uitgehard. Omdat ik niet verder aan het stationscomplex kan bouwen ben ik begonnen aan de bouw van de berg die de spiraal moet afdekken. Ik heb nog niet helemaal in mijn hoofd wat ik met deze berg wil. Ik kan m.b.v. mijn huidige modelhuisjes (twee boerderijen) een landbouw c.q. veeteeltgebied nabootsen. Ook kan ik ervoor kiezen om nog een stadsdeel te creëren. De benodigde modelhuizen zou ik dan echter nog moeten aanschaffen. Aan de achterzijde van de baan moeten nog achtergronden worden gerealiseerd. Ook dit is nog een behoorlijke uitdaging omdat deze delen afneembaar moeten worden om bij ontspoort materiaal te kunnen komen en ook moet er zo nu en dan onderhoud aan de sporen worden gepleegd om de rijeigenschappen van de treinen te kunnen blijven garanderen.


Rollend materieel

Hierbij een foto overzicht van mijn rollend materieel. Ik heb niet alles op de foto gezet zodat de rest nog een verrassing kan blijven.


Deel 11

Nu het grovere werk voor een deel gereed is kan begonnen worden met het aanbrengen van de details. In bouwdeel 2, wat de eerste uitbreiding op de baan van Jan meijer was ben ik begonnen met het afwerken van de scenery. Dit houdt o.a. in dat ik een aantal bloeiende struiken in het dorpje heb aangebracht. Ook ben ik inmiddels begonnen met het samenstellen van verkeersborden. Helaas heb ik nog geen goede voorbeelden van Duitse verkeersborden op het internet terug kunnen vinden. Ik heb e.e.a. dus naar eigen idee ontworpen. De verkeersborden worden voornamelijk gemaakt m.b.v. koperdraad, soldeertin en papier. Zij zijn binnen een half uur te vervaardigen. Het resultaat is in de bijgaande foto’s te herkennen.

Na herhaaldelijke proeven met het aanbrengen van de wegmarkering op het aangebrachte schuurpapier (wat voor de wegen is toegepast) ben ik tot de conclusie gekomen dat het in schaal N het beste is om de wegmarkeringen met een fittingschroevedraaier aan te brengen. Voor spoorgrootte H0 is het beter om kleurpotloden te gebruiken. Indien er interesse is hoe e.e.a. gemaakt is dan kan ik bij een bijeenkomst tonen hoe ik bepaalde scenery heb vervaardigd.


Wegwijzeringsborden

Bij de afgelopen thuisbijeenkomst van MSVD leden werd mijn baan door de verschillende leden bekeken. De manier waarop ik een aantal scenery producten heb gemaakt trok daarbij de aandacht. Een aantal zaken zoals bijvoorbeeld bewegwijzeringsborden kunnen eenvoudig zelf worden gemaakt. Hoe ik dergelijke bewegwijzeringsborden heb vervaardigd wordt hieronder beschreven.

Het vervaardigen van bewegwijzeringsborden (schaal 1:160) is in de bijlage beschreven.


Vordering van de scenery

Een van de moeilijkste dingen wat mij betreft is het aanbrengen of realiseren van de scenery. Vooral omdat mijn modelbaan een schaal heeft van 1:160. Elke mm op de baan komt overeen met 16 cm in werkelijkheid. In een gewone tuin vindt je plantjes van deze afmeting terug. Het aanbrengen van plantjes in deze grootte op schaal is vrijwel ondoenlijk. Ik heb daarom getracht zoveel mogelijk (bloeiende) struiken en heesters na te bootsen. Dit is best wel lastig omdat je niet al te veel materialen tot je beschikking hebt om dit soort scenery te creëren. Ik heb gebruik gemaakt van bloeiende bomen (HO schaal) die ik langs de stam heb afgeknipt. Hierdoor kreeg ik strengetjes met gekleurde bolletjes die als je er een aantal van samen bindt een bloeiende struik opleveren. Het is alleen jammer dat de kleuren van de bloeiende bomen beperkt zijn. Ik heb tussen de aangebrachte struiken nog wat ruimte beschikbaar gehouden om naderhand struiken of planten van een andere kleur aan te kunnen brengen. Ook heb ik getracht een rotstuintje na te bootsen met behulp van materiaal van bloeiende bomen. Voor heesters heb ik gebruik gemakt van oude dennenbomen die ik afgeknipt heb en in de houtlijm heb gedoopt. Nadat ik de boom in de houtlijm had gedoopt, heb ik de afgeknipte boom met strooigoed bestrooid. Het effect is redelijk.

Ook ben ik begonnen met het afwerken van de bestrating. Zo zijn er inmiddels een aantal bomen, borden en lantarenpalen aangebracht. Hierdoor begint het er al iets natuurgetrouwer uit te zien. Sommige details zijn echter op deze schaal heel lastig na te bootsen. Vooral het aanbrengen van wegmarkeringen is een uitdaging. Ook de realisatie van stoepen is vrij lastig. Zou je de realiteit willen nabootsen met fimo klei, dan zou de dikte niet meer mogen bedragen dan 1 mm. Ik heb gekozen voor kant en klare bouwplaten die in de handel verkrijgbaar zijn.

Een ander probleem is het aanbrengen van details zoals verkeersborden. Het kleinste lettertype dat met de computer te realiseren is, is in schaal 1:160 nog behoorlijk aan de grote kant. Feitelijk zouden letters van 1 mm (in werkelijkheid 16 cm) met de werkelijkheid overeenkomen. Dit houdt dus in dat je hier maar een compromis moet sluiten. In de bijgaande foto,s is te herkennen hoe e.e.a. is gerealiseerd.


Zomer 2010

Dankzij een aantal “goede’’ dagen met “slecht” weer heb ik gedurende de zomermaanden toch aan mijn modelspoorbaan gewerkt. Aan het laatst aangebouwde stuk baan moet nog zeer veel grof werk worden verricht. In eerste instantie had ik eigenlijk nog niet direct een idee hoe ik de achtergrond wilde inrichten. Voordat de zomer begon was ik net begonnen met het vormgeven van een bergmassief. Aangezien dit stuk tegen de wand aan ligt moest een ontwerp hierop worden afgestemd. Ondanks dat ik een n-spoor  baan heb is het toch nog woekeren met de beschikbare ruimte.

Omdat dit deel van de baan moeilijk bereikbaar is ben ik begonnen met het maken van een module van hout. Na de houtconstructie heb ik piepschuim aangebracht. Ik heb voor dit materiaal gekozen omdat het licht van gewicht is. Om een voldoende sterkte te krijgen is het piepschuim vervolgens met een laag papier-maché bedenkt. Na het aanbrengen van de laag papier-maché heb ik de weg aangebracht. Deze heb ik weer van schuurpapier gemaakt. Hierna heb ik de basiskleuren aangebracht zodat er een natuurlijke ondergrond ontstaat. Vervolgens heb ik enige dennenbomen aangebracht om te kijken of het resultaat acceptabel was. Over enkele details was ik niet echt tevreden. Ondanks dat er nog steeds sprake was van het grovere werk moet je toch al in het begin vaststellen of je op de goede manier bezig bent. Valt het resultaat tegen dan kun je beter de boel slopen en opnieuw beginnen. Zo heb ik de plaatsing van de boerderijen enkele keren veranderd om een natuurlijker resultaat te krijgen.

Nadat het eerste stukje bergmassief vorm had gekregen ben ik tot de conclusie gekomen dat het niet fraai en natuurlijk zou overkomen wanneer ik de treinen uit dit deel van de berg zou laten rijden. Het heeft enige tijd geduurd voordat ik een idee kreeg hoe ik dit probleem kon oplossen. Ik ben daarom ook eerst met een ander deel van de achtergrond begonnen voordat ik de oplossing voor het tussenliggende deel had bedacht. Het probleem was ook dat de weg die ik op het eerste deel van het bergmassief had aangebracht nergens naar toe kon lopen. Ik was dus min of meer verplicht om de weg over de sporen aan te brengen. Aangezien wederom een deel van het spoor onder de berg zou komen te liggen en er een wissel in dit deel was aangebracht leek het mij verstandig dat ik ook dit deel uitneembaar zou maken zodat de sporen en het wisselgedeelte bereikbaar zouden blijven mocht er een trein op dit deel ontsporen of door vervuiling van de sporen stil blijven staan.

De module die de achtergrond moet vormen is aan de smalle kant (ca. 17 cm). Ik wilde echter toch een weg creëren en indien mogelijk ook nog enkele gebouwen plaatsen. Er moest dus ruimte worden geschapen voor deze gebouwen. Wat je in de bergen regelmatig ziet is dat appartementen voorzien worden van een ondergrondse garage. Dit zou de oplossing kunnen zijn. Na enig gestoei had ik een acceptabele ruimte weten te scheppen om enkele appartementen langs de achterwand te plaatsen. Nadat de houten constructie gereed was heb ik weer dezelfde procedure gevolgd om een stuk bergmassief te realiseren. Nadat dit deel in grove opbouw gereed was heb ik het in de baan geplaatst om te beoordelen of het resultaat acceptabel was.

Nadat het eerste deel van de achtergrond vorm heeft gekregen is begonnen met de aankleding. D.w.z. dat ik na het uitharden en drogen van het papier-maché de berg in de basiskleuren heb geverfd en daarna voorzien heb van enkele dennenbomen om te beoordelen of het landschap natuurlijk aandeed. Omdat e.e.a. nog verder moest drogen heb ik deze aanpassing even gelaten voor wat hij was en ben ik begonnen met het aanbrengen van de eerste seinen die ik tijdens mijn laatste bezoek van de beurs in Houten had aangeschaft. De seinen van Viessmann zijn redelijk natuurgetrouw en geven vanwege de moderne led-techniek prachtige resultaten. Helaas had de leverancier maar een beperkte hoeveelheid seinen bij zich zodat ik maar een beperkt aantal seinen heb kunnen inbouwen. Bij mijn eerstvolgende bezoek zal ik echter nog een aantal seinen aanschaffen.

Nu het eerste deel van de achtergrond op dit deel van de baan in de baan is aangebracht heb ik een idee gekregen hoe het tweede deel van de achtergrond er uit zal komen te zien. Ook hier zal een bergweg zijn weg vervolgen. Ik heb nog geen idee hoe en of ik lantaarnpalen langs de weg zal aanbrengen. Ik denk echter wel dat ik deze in een later stadium langs de weg zal plaatsen.

Op het eerder door mij gebouwde gedeelte heb ik ook nog e.e.a. aangepast. Zo is de bergwand opnieuw geverfd en heb ik groen aangebracht. Hierdoor heeft het geheel een natuurlijker aanblik gekregen. Het is echter nog ver verwijderd van een acceptabel geheel. Er zal nog veel groen moeten worden aangebracht. Ook moet de spoorwegovergang nog worden geautomatiseerd. De knipperlichten zijn inmiddels wel aangebracht en worden via langs de baan aangebrachte reed-contacten aangestuurd. Nu alleen nog de slagbomen voorzien van een aandrijving. Dit wordt nog het meest lastige deel.

Het grootste probleem waar ik momenteel mee worstel is het verbeteren van de natuurlijke aanblik. M.a.w. het verfraaien van de scenery. Uiteraard is het mogelijk om materiaal van Busch te kopen, maar dit gaat voor een baanoppervlakte van ca. 13 m2. nogal in de papieren lopen. De uitdaging is om met een zo gering mogelijke investering een zo fraai mogelijk resultaat te boeken.  Na het bekijken van de fraaie foto’s van Bert heb ik gezien dat we binnen onze vereniging toch mensen hebben met kennis van zaken. Ik zal Bert dan ook zeker gaan benaderen of hij mij wegwijs kan maken in het verfraaien van de scenery.

Momenteel ben ik aan het tweede deel van de achterwand begonnen. Dit deel is een behoorlijk lang stuk wat ook weer uitneembaar zal zijn zodat de hieronder liggende sporen bereikbaar blijven. Op dit stuk zal een bergweggetje worden aangebracht. Dit weggetje sluit aan op het eerste deel van de achterwand. De achterwand is redelijk smal en krijgt dus een steile rotswand. Ook zal er nog een korte tunnel worden aangebracht. Ik weet op dit moment nog niet uit welk materiaal ik de tunnel zal vervaardigen. Vermoedelijk zal ik gebruik maken van piepschuim platen die ik daarna zal uitsnijden en vervolgens zal verstreken met kunststof platen en daarna zal bekleden met Faller decorplaten.

De komende wintermaanden zal ik mij voornamelijk gaan bezighouden met de bouw van de achterwand en met het verfraaien van de scenery. Daarnaast zal ik nog een aantal seinen op de baan gaan aanbrengen en zal de elektrische installatie enige aanpassingen krijgen.

 


Bouwvorderingen

Zo nu en dan vind je wat tijd om aan je modelspoorbaan te werken. De afgelopen weken ben ik bezig geweest met de ruwbouw van de achterwand van mijn baan. Omdat ik gebruik maak van piepschuim platen (styropor) en papier-maché is dit een langzaam proces. Papier-maché heeft de eigenschap dat het volume afneemt als het opdroogt. Dit betekent dat je steeds opnieuw dunne lagen moet aanbrengen en de spleten die ontstaan moet opvullen. Wanneer het eenmaal is bijgewerkt en opgedroogd ontstaat een zeer sterke redelijk lichte constructie. Dit is noodzakelijk omdat een aantal delen moeten kunnen worden verwijderd zodat de onderliggende sporen voor onderhoud bereikbaar blijven.

Inmiddels vordert het laatste deel van de achterwand gestaag. De ruwbouw is zover gereed dat er begonnen kon worden met het verfraaien. Eerst is met behulp van waterverf een basiskleur aangebracht. Ik heb dit twee keer moeten aanpassen voordat ik redelijk tevreden was met het resultaat. Naarmate je meer stukken verft, krijg je toch steeds meer gevoel voor de toepassing van de juiste kleuren. Dit heeft tot gevolg dat je echter over de reeds geverfde delen minder enthousiast bent. Een paar delen die ik al geverfd had en waarvan ik met de kleurstelling minder tevreden was, zullen waarschijnlijk opnieuw onder handen genomen worden. In eerste instantie heb ik geen gebruik gemaakt van zwarte verf omdat ik bang was dat het te donker zou worden. Na een paar mislukte pogingen heb ik door het aanbrengen van kleuren toch een redelijk natuurgetrouw resultaat weten te boeken waarmee ik redelijk tevreden ben.

Er zijn echter ook nog steeds een aantal zaken waar ik een oplossing voor moet bedenken. Het onderste deel van de achterwand heb ik voorzien van papier met een muurmotief. Zowel het motief als de kleurstelling vielen mij echter tegen. Zeker nadat ik de diorama’s bij Railz heb aanschouwd ben ik tot de conclusie gekomen dat e.e.a. voor verbetering vatbaar is. In de nabije toekomst zal ik dan ook gaan proberen of er een aantal verbeteringen kunnen worden gerealiseerd.

De  bouw van de achterwand vordert gestaag. Ik heb alles gedocumenteerd bij de foto’s. Voor de collage zie hier. en hier het vervolg.

 


https://photos.app.goo.gl/5c2fECuS8pv8Kjow8

Dankzij slecht weer

Dankzij de wat slechtere weerperioden is er toch al weer e.e.a. aan de baan veranderd. Zo zijn er de laatste tijd meer details aangebracht. Op het eerste gezicht is weinig nieuws te ontdekken. Maar als je wat beter kijkt zie je dat er hekwerken, zandpaden, straatlantaarns en overige details zijn aangebracht.
Voor een kijkje op wat er allemaal veranderd is zie hier.


Detaillering en meer

Het recentelijke bezoek aan Modeleisenbahnwelt Wunderland in Hamburg heeft mij weer enthousiast gemaakt om verder aan de baan te werken. De afgelopen zomer is besteedt om de detaillering van de baan te verbeteren. Mijn pogingen vallen echter in het niet als je eenmaal de modelbaan in Hamburg hebt aanschouwd. Vooral het daar gerealiseerde vliegveld is wat mij betreft het toppunt van modelbouw. Ik heb uitgebreide video-opnamen gemaakt die ik tijdens een thuisbezoek aan de overigen leden zal tonen. Zij die er geweest zijn zullen de prachtige details vast herkennen. Voor hen die er nog nooit geweest zijn zal het waarschijnlijk hun doen besluiten om toch maar eens naar Hamburg af te reizen.

Wat betreft mijn modelbaan zijn er weer een aantal details aangebracht of zijn de bestaande details verder volmaakt, althans daar zijn verwoede pogingen gedaan e.e.a. te verfraaien.

Zoals in de vorige bouwverslagen is weergegeven lukt het mij steeds beter om de detaillering aan te brengen. Een aantal van de recentelijk gemaakte foto’s geeft dit weer. Voor diegene die meer willen zien zou ik zeggen: “Geduldig afwachten tot de thuisbijeenkomst”.


Februari 2016

Bouwverslag N-modelspoorbaan Jef Wisse

Na het bekijken van de foto’s recentelijk gemaakt door Rob in Houten blijkt maar weer dat er voor een amateur modelbouwer zoals ik nog heel veel te leren is. Ik doe verwoede pogingen om mijn baan er beter te laten uitzien. Dit lukt alleen wanneer je betere en fraaiere details aanbrengt. Toch blijft het voor de schaal N een lastig verhaal. Alles is zo verdomde klein. Even niet opletten en je vernield meer dan je gemaakt hebt.

Bij een bezoek aan de zolder waar ik e.e.a. wilde opruimen kwam ik een doos tegen waarin nog veel materiaal zat. Een van de dingen die ik tegenkwam waren een aantal dozen bovenleiding. In eerste instantie heb ik altijd het standpunt ingenomen om geen bovenleiding op de baan aan te brengen omdat dit een drama is als je rails moet vervangen of rails wilt schoonmaken.

Omdat ik toch eens wilde inventariseren hoeveel materiaal ik had, bleek dit toch aardig wat te zijn. Niet genoeg voor mijn gehele baan maar wel voldoende om een deel te voorzien. Aangezien het weer de laatste tijd gunstig was, d.w.z. dat het echt weer was om aan de hobby te werken, heb ik de stoute schoenen aangetrokken en heb ik een paar bovenleidingmasten op de baan gemonteerd. Na de eerste masten was ik blij verrast met het resultaat. Ik besloot een paar foto’s te maken en tot mijn verbazing zag het er beter uit dan ik dacht.

Ik besloot om op de ingeslagen weg door te gaan en de resultaten op beeld vast te leggen. Na twee weken intensief prutsen had ik zo’n 15 meter bovenleiding aangebracht.

Het aanbrengen van de bovenleiding heeft veel meer tijd opgeslokt als ik aanvankelijk gedacht had. Dat heeft ook te maken gehad dat ik mijn model van de 90 tons kraan bij het plaatsen van de masten gebruikt heb. Helaas beschik ik nog niet over geverfde spoorwerkers zodat ik deze helaas niet heb kunnen vastleggen op de digitale beelden.15 meter bovenleiding lijkt niet veel, maar toch heb je hier een behoorlijk aantal onderdelen voor nodig. Even een opsomming: ca. 85 bovenleidingmasten en ca. 120 bovenleidingen, de nodige schroefjes en spijkertjes, lijm en bovenleiding signalering.Daarnaast moesten nog enige masten worden aangepast omdat ik ze anders niet kon monteren. Al met al was het een aardige uitdaging, maar het resultaat is boven verwachting.

Transformatorhuisje

Enthousiast geworden door het bouwen van een transformatorhuisje, heb ik de laatste tijd weer met veel geduld e.e.a. aan detaillering gewerkt. Soms is de schaal-N een echte uitdaging. Alles moet op pietepeuterige schaal worden gemaakt. Sommige objecten zijn lastig op schaal te maken.

De eerder door mij gemaakte bewegwijzeringborden vond ik op het moment dat ik ze had gemaakt best aardig om te zien. Zeker gezien het materiaal waarvan ze gemaakt waren. Nu ik bij de Hobbyprof (te Urk) e.e.a. aan kunststof materiaal heb kunnen aanschaffen, werd de verleiding wel erg groot om weer wat verbeteringen door te voeren. Het zelf maken van onderdelen en scenery wordt een steeds leukere tijdbesteding. De zeer fraaie resultaten die Gerrit heeft geboekt met kunststof bouwmateriaal werkt aanstekelijk

Ik had altijd al het idee dat de bewegwijzeringsborden met behulp van kunststof materiaal tot een fraaier resultaat zouden kunnen leiden. Na e.e.a. op internet te hebben bestudeerd ben ik aan de slag gegaan. Eerst nieuwe zogenaamde pijlborden op de computer ontworpen. Ook hier ondervond ik problemen met het selecteren van het lettertype omdat ik het toch wel noodzakelijk vond dat de namen en tekens goed leesbaar bleven. Ook al denk je dat er sprake is van een goed resultaat, het echte resultaat zie je pas als je e.e.a. gaat printen. Sommige onderdelen waren perfect. De bruine Hinweisschilder bleken echter niet perfect te zijn. Ook na diverse aanpassingen werd het resultaat niet echt beter.

Het zijn zaken die je uiteindelijk maar moet accepteren. Ik wilde ook bushaltes op mijn baan hebben. Ook hier moet je uiteindelijk accepteren dat er beperkingen zijn. Zo kun je een lettergrootte niet oneindig verkleinen. Wil je het leesbaar houden, wat volgens mij wel de doelstelling is, dan moet je tevreden zijn met een naar verhouding iets te groot formaat. Onze H0 vrienden hebben het hier aanzienlijk gemakkelijker

Op mijn baan heb ik een klein stukje autobaan gebouwd. Het is een stukje van slechts 1 meter lengte. Ik vond het er eigenlijk een beetje saai uitzien ondanks de verwoede pogingen om het aantrekkelijk te maken. Op Duitse autobanen worden altijd wel werkzaamheden uitgevoerd. Ik was dus van mening dat het op mijn baan dan ook niet mocht ontbreken. Na bestudering van talloze afbeeldingen op internet heb ik een poging ondernomen om een dergelijk tafereel na te bootsen. Ook hier ben ik begonnen met het kopiëren van afbeeldingen. Het aanpassen van de afbeeldingen naar de juiste schaal was een tijdrovende bezigheid. Na diverse afdrukken had ik het idee dat de grootte redelijk met de werkelijkheid overeen kwam. Het was een heel gepruts om de afbeeldingen uit te knippen en op het kunststof profiel te plakken. Omdat het zo klein is kan je het haast niet vastpakken. Na vele uren prutsen is het mij gelukt om e.e.a. aan onderdelen voor de wegwerkzaamheden in elkaar te zetten. De resultaten zijn in de bijgevoegde foto’s te zien.


De detaillering

De laatste weken ben ik weer bezig geweest om detaillering op de baan aan te brengen. Voor N-spoorders is het natuurlijk gemakkelijk om scenery via websites aan te schaffen. Zelf maken is echter niet alleen veel leuker maar je kunt ook scenery maken die niet te koop is.  Ik heb een aantal verschillende abri’s/bushokjes gemaakt. De eerste pogingen zijn redelijk geslaagd. Vanwege de schaal zijn de modellen is redelijk simpel van opzet. Naarmate mijn vaardigheden gaan verbeteren ga ik proberen wat ingewikkelder modellen te vervaardigen. Het probleem blijft natuurlijk de schaal N. Alles is zo klein, dat het moeilijk is om met beperkte gereedschappen details op schaal na te bouwen. Belangrijk is de kosten zo minimaal mogelijk te houden. Zelfs de kleinste stukjes kunststof kunnen nog wel ergens dienst voor doen al is het maar een reclamebordje.

Bij mijn zoektocht op internet naar afbeeldingen van verkeersborden en verkeersportalen kwam ik ook een afbeelding tegen van een reclamezuil. Waar kom je tegenwoordig geen reclame tegen. Op vrijwel elke locatie in steden en dorpen maar ook in het buitengebied zijn wel reclameborden te vinden. Bij sommige huisbezoeken had ik al enige reclame objecten gezien. Mijn eerste poging om een reclamezuil na te bouwen is niet geheel gelukt. De dimensies zijn niet geheel in overeenstemming met de werkelijkheid. Wanneer de werkelijke verhoudingen (32 meter) zouden zijn aangehouden dan zou de reclamezuil op zijn minst 20 cm hoog moeten zijn. Dat zou echter teveel aandacht vestigen. Toch ga ik een iets groter model maken en kijken of dit nog een acceptabel model is op de baan

Andere vormen van reclameborden heb je natuurlijk ook. Na ijverig speurwerk via verschillende zoekcodes heb ik een aantal afbeeldingen van reclameborden van hedendaagse maar ook van vroegere tijden op het internet gevonden. Na de afbeeldingen te hebben verkleind heb ik deze op een kunststof plaat van 1 mm dikte geplakt en uitgesneden. Daarna heb ik er een aantal op de baan aangebracht waardoor sommige delen weer wat realistischer ogen. Bijgaande foto’s tonen enkele van mijn knutselwerken.

Na veel zoekwerk had ik een mooi schaalmodel van een kraanwagen gevonden. Ik naar de site en het model besteld. Tot mijn teleurstelling was dit model van Tomytec niet meer te leveren omdat de site verouderd was. Na hevig balen kreeg ik van de modelshop toch een E-mail bericht dat er een model van een kraanwagen te leveren was en of ik nog interesse had. De modelshop (DM-Toys) had een afbeelding meegestuurd. Het bleek een prachtig model wat door DM-Toys op de markt wordt gebracht. Het model was nog fraaier dan het eerdere model van Tomytec. Ik heb er dus maar gelijk twee stuks van besteld. Na ontvangst van de modellen heb ik met enig prutsen het voor elkaar gekregen om een extra haak aan de boom van de kraan te bevestigen waardoor het mogelijk werd om een model van een verkeersbord aan de kraan te hangen. De Baustelle oogt meer en meer realistischer. Nu nog wat wegwerkers op de kop zien te tikken en de verlichting aanbrengen. Wordt vervolgt.

Ik ben in het bezit van ongeverfde poppetjes. Deze heb ik al deels geverfd met de verf die ik nog had. Ik wil echter nog wat andere kleuren aanbrengen. Wie heeft er nog potjes Revell verf. Ik wil ze ook wel ruilen met de kleuren die ik heb. Wie heeft er interesse in magneten voor activering van reed-contacten. Ik heb 10 stuks te koop. Let op: alleen geschikt voor H0 wagens.